Vorige Projecten

 

Mei 2014 : Biber & Tůma

De diep-emotionele tekst van het Stabat Mater is door de Boheemse componist Tůma heel mooi uitgedrukt in melodieën die het verdriet van Maria uitbeelden. Biber is bekend om zijn gewaagde harmoniën en heftige dissonanten; bovendien laat hij het koor soms matenlang tegen de maat in zingen. De toonsoort f-klein is ook al ongebruikelijk in zijn tijd.

 

 

 

 

 

 

Mei 2013 : Muziek uit de Tudor Era

Portrait_of_Edward_VI_of_England.jpg De periode rond 1600 was in Engeland een tumultuose tijd waarin de staatsgodsdienst regelmatig wisselde van rooms-katholiek naar anglicaans en terug. De drie grote motetten zijn voorbeelden van de oudere, roomse, traditie, waarin de muziek stroomt, vijfstemmig, in lange melodielijnen. In contrast hiermee staan de drie meer toegankelijke Engelstalige motetten waarmee het programma werd afgesloten. Ter afwisseling een aantal ‘aires’ van Dowland in een koorzetting.

 

 

 

 

 

 

Mei 2012: Sweelinck & Gabrieli

Sweelinck en Giovanni Gabrieli waren tijdgenoten, maar leefden ver uiteen en hebben elkaar ook nooit ontmoet. Beiden waren echter bekend met werken van Monteverdi. In dit programma zien we hoe zij met dezelfde teksten omgingen.

 

 

 

 

 

 

Maart 2011: André Campra:  Messe de Requiem

Atala_au_tombeau,1808,Girodet_de_Roussy_-Trioson,_Louvre_.jpgDe dodenmis van Campra is geschreven voor grand coeur, petit coeur en enkele instrumenten, waaronder traverso en strijkers. Wij hebben dit uitgevoerd met een kleine bezetting waardoor de transparantie van de compositie goed tot zijn recht komt, terwijl het contrast tussen soli en tutti passages gehandhaafd blijven. De misdelen werden afgewisseld met enkele werken van tijdgenoten, waaronder Corette’s Carillon des morts.

 

 

 

 

 

 

Maart 2010: Orlando di  Lasso:  Lagrime di San Pietro

De “Lagrime di San Pietro” zijn de zwanenzang van Orlando di Lasso, het laatst gepubliceerde werk tijdens zijn leven. Deze motetten heeft Orlando di Lasso gecomponeerd als een groot monodrama van geestelijke madrigalen. Het is een indrukwekkend monument van 21 zevenstemmige madrigalen, die wij afwisselend in enkele en dubbele bezetting a cappella hebben uitgevoerd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Maart 2009: Cavalli: Messa Concertata

Francesco_CavalliHet belangrijkste onderdeel van het programma is de Missa Concertata van Francesco Cavalli (1612-1676).  Cavalli maakt gebruik van de Venetiaanse gewoonte om meerkorig te musiceren, anderzijds om een groep solisten tegenover een tutti-koor te plaatsen. De solo-instrumenten zijn de violen, terwijl ter ondersteuning van de tutti-koorzangers drie trombonisten werden ingedeeld. In plaats van deze trombones zetten wij overigens drie violen da gamba in.

 

 

 

 

 

 

 

 

Februari 2008: Passie: Schütz : Musikalische Exequien; Padbrué : de Kruisbergh (tekst Vondel)

schuetz1Schütz (1585-1672) heeft zijn muziek vooral in een Duitse variant van de Venetiaanse stijl van zijn leraren gemaakt. De Musikalische Exequien SWV 279, gecomponeerd voor de begrafenis van prins Heinrich Posthumus von Reuss, zijn voor zangers met een begeleiding van slechts basso continuo. Het werk heeft de vorm van een Lutherse rouwmis; polyfonie en homofonie en ook meerkorigheid wisselen elkaar af.

Hoewel De Kruisbergh van Cornelis Thymenszn. Padbrué (c. 1592-1670) voor die tijd wel enigszins ouderwets is, is het technisch wel knap geconcipiëerd, met canons en meerkorigheid, en meer beschrijvend dan expressief van karakter. De tekst is van de hand van Joost van den Vondel en dat maakt het werk nog extra interessant.

 

 

 

 

 

April 2007: Laetatus sum: de Victoria en tijdgenoten

victoria_cartoon_2Tómas Luis de Victoria componeerde in de stijl van Palestrina. Het grootste werk in dit programma is zijn driekorigeMissa sopra Laetatus sum”, waarvan wij het voorbeeld, het gelijknamige motet “Laetatus sum”, ook zingen. De delen van de mis werden afgewisseld met motetten van Lasses en Willaert, en ricercares voor blokfluitkwartet van Palestrina. Ten slot voerden wij het Ave Maria uit van de hedendaagse componist Maarten Surtel, die het werk ook zelf dirigeerde.

 

 

 

 

 

 

 

Maart 2006: Reformatie in Nederland

Luther

In dit programma onderzochten wij enkele invloeden uit geestelijke en wereldse bronnen op de ontwikkeling

van de kerkmuziek tijdens de Reformatie in Nederland. Een belangrijke verandering was de taal waarin de liturgie werd gesproken. Daar zijn in het begin verschillende oplossingen voor gevonden. Allereerst kunnen teksten in de volkstaal op Gregoriaanse melodieën gezet worden. Een andere manier om het probleem van de volkszang op te lossen was om nieuwe koralen te baseren op populaire liedjes uit die tijd. Natuurlijk werden er daarnaast ook veel nieuwe melodieën gecomponeerd, want veel 16de eeuwse componisten werden meteen geïnspireerd door de reformatie.

 

In dit programma laten we voorbeelden horen van originele en daarop gebaseerde nieuwe composities ten behoeve van de protestante eredienst en van totaal nieuwe composities uit de 16de en de 17de eeuw.

 

Maart 2005: Rondom Josquin

Naast een aantal geestelijke en wereldlijke werken van de Josquin werden ook een aantal werken van tijdgenoten uitgevoerd. Een uitdaging was het 12-stemmige Regina Caeli van Gombert, en het ritmisch zeer lastige Intemerata Dei mater van Ockeghem. De vocale werken werden afgewisseld met enkele instrumentale stukken, waaronder La Spagna van Josquin en Alla Bataglia van Isaac.

Maart 2004: Stabat Mater van Domenico Scarlatti.

Dit 10-stemmig meesterwerk voerden we uit in enkele bezetting, hetgeen de tranparantie ook in de tutti gedeelten ten goede kwam. Dit programma werd gecontrasteerd met de gregoriaanse zetting van het Stabat Mater, en met de zetting van Alessandro Scarlatti voor 2 solo stemmen met 2 violen en continuo. Dit laatste werd uitgevoerd door La Gamme.

Maart 2003: Monteverdi - Motetten en Madrigalen.

In zijn Messa III a 4 voci da cappella (1651) laat Monteverdi zien dat de nieuwe "seconda prattica" het ook uitstekend doet bij geestelijke muziek. De motetten en madrigalen van dit programma zijn deels "alla francese" gecomponeerd, een Italiaanse nabootsing van het Franse chanson. Dat levert een hoekig soort muziek op met snelle harmonische wendingen en virtuositeit voor alle zangers.

Maart 2002: Psalmen van Nederlandse componisten.

Bekende en minder bekende werken van Clemens non Papa, via Boscoop en uiteraard Sweelinck, vervolgens Huijgens en Hacquart, om te eindigen met Daan Manneke.

Dit programma liet duidelijk horen dat de Nederlands taal het prima doet, maar ook dat de componisten van vaderlandse bodem zich uitstekend thuis voelen in het Frans, Engels en Latijn.

November 2000: In Nomine.

Dit programma bestond uit werken uit de "Transition Period" waarin Engeland afwisselend de Rooms Katholieke en de Anglicaanse kerk als staatsgodsdienst aanhing.

Het eerste deel programma werd geheel gevuld door de imponerende "Western Wind Mass" van John Taverner op een bekend volksliedje. Het tweede deel van het programma bestond uit een afwisseling van vocale en instumentale werken uit dezefde tijd van o.a. Gibbons, Byrd, Bull. Het centrale thema hierbij is de "In Nomine" melodie.

November 1999: Advent met Schutz en tijdgenoten

Een afwisseling van motetten en psalmen door Scheidt, Schein, Hammerschmidt, Sweelink en natuurlijk de grote meester van de Duitse vroegbarok, Schutz.

Opnames van deze projecten zijn verkrijgbaar in onze winkel.